3 tips voor gynaecologen

In mijn boek ‘Begeleiding van vrouwen met een miskraam’ vind je naast praktische tips ook veel ervaringsverhalen. Godelieves eerste dochtertje Infinity is in 2014 dood geboren na een zwangerschap van vijftien weken en twee dagen. Godelieve vertelt:

‘Infinity was helemaal af, alleen veel te klein om te kunnen leven. Na haar geboorte werd ik geleefd: de placenta kwam er niet uit en uiteindelijk moest ik naar de operatiekamer voor een curettage.

Ondertussen kregen we de vraag wat we met het kindje wilden doen: mee naar huis nemen, medisch afval, laten begraven of cremeren, eventueel in een groepscrematie met andere doodgeboren kindjes?

De vraag werd een beetje tussen neus en lippen door gesteld, er was geen schriftelijk informatiemateriaal of iemand die met ons de mogelijkheden en vooral ook de consequenties besprak.

Daar heb ik uiteindelijk veel verdriet van gehad.

We kozen voor een groepscrematie en die werd keurig afgehandeld. We kregen een maand later een brief van de uitvaartondernemer dat de crematie zou plaatsvinden, dat we er niet bij konden zijn maar wel na die datum een specifiek veldje op het terrein van het crematorium konden bezoeken waar de as werd uitgestrooid.

Ik wilde graag wat van de as hebben – voor in een sieraad of tatoeage – maar dat bleek niet te kunnen omdat het niet alleen de as van Infinity zou zijn maar ook van andere kinderen. Als ik dat van tevoren had geweten, had ik niet voor deze optie gekozen.’

Noot: dit speelde in 2014. Intussen heb ik van verschillende gynaecologen gehoord dat kindjes nooit meer met het medisch afval meegaan. In de richtlijnen van de NVOG staat nu: “Anonieme verbranding met ander organisch ziekenhuismateriaal vindt niet meer plaats.” Gelukkig maar.

 

Hoe kun je als ziekenhuis, en als samenwerkende geboortezorgprofessionals, zorgen dat ouders nog beter geïnformeerd zijn, zodat ze echt goed kunnen beslissen in die heftige en turbulente situatie?

3 tips waar je ouders meteen beter mee helpt:

  • Welke informatie geven jullie de ouders? Tip: geef de informatie in elk geval ook op papier, zodat ouders het nog kunnen doorlezen.
  • Is die informatie vooral medisch en fysiek gericht? Of is er ook al aandacht voor de emotionele kant van de situatie? Tip: kijk wat je kunt doen om in die informatie nog meer aandacht te hebben voor de psychosociale aspecten van de keuzes die ouders moeten maken.
  • Hoe veel tijd krijgen ouders om te beslissen? Met wie spreken ze om de verschillende opties af te wegen? Tip: bespreek in je team wat jullie hierin kunnen verbeteren.

Wil je hier suggesties voor? Bel of mail me, ik ga er graag over in gesprek met jullie.

Bonustip: wat kun je nog meer doen?

De emotionele kant van begeleiding van ouders die hun kind verliezen in eerste 20 weken van de zwangerschap is van groot belang, ook voor de latere verwerking. Wil je hier als team gynaecologen of in je VSV aandacht aan besteden? Goed idee! Ik kom graag naar jullie toe om hier een interactieve workshop of training over te geven.

Bel of mail me gerust om te overleggen wat passend is voor jullie. Je kunt me bereiken op info@miskraambegeleiding.nl of 06 244 15 838. Graag tot kijk!

© Miriam van Kreij – 2018